Goed bermonderhoud komt ons allen ten goede

door Greet Oosterhuis en Roelof Brands

Ieder jaar worden de beide provinciale autowegen die door onze gemeente lopen, de N33 en N34, twee weekenden afgesloten voor onderhoud aan de weg, inclusief de berm. De eerste keer in het jaar gebeurt dat in de maanden juni/juli en de tweede keer in september/oktober. Bij de afsluiting in de zomer worden de bermen niet volledig gemaaid, maar slechts de eerste anderhalve meter vanaf het wegdek. Op deze manier blijft de berm een veilige uitwijkplaats en blijft de rest van de berm beschikbaar voor planten en insecten. Een goede ecologische gedachte en werkwijze. Bij de ronde in de herfst wordt de berm wel volledig gemaaid, immers het bloeiseizoen is voorbij.

Tijdens deze weekenden wordt het verkeer, dat normaal gebruik maakt van deze autowegen, omgeleid over smallere gemeentelijke wegen waardoor en veelal uitgeweken moet worden in de bermen. Daar dienen ze ook voor, maar niet alle bermen lenen zich daarvoor. Daarom willen wij dat niet alleen de wegen maar ook de bijbehorende bermen in onze gemeente goed worden onderhouden.

De berm geeft steun aan de weg en biedt ruimte voor verbreding. In de berm is plaats voor verkeerskundige aanwijzingen zoals bewegwijzering en reflectorpaaltjes. De berm dient als uitwijkplaats, biedt mogelijkheid voor het ingraven van kabels en leidingen en kan regenwater afvoeren. Dat uitwijken in de berm door voertuigen is niet zonder gevolgen. Vooral in nattere perioden worden daardoor de bermen stuk gereden en is er een kans dat wanneer je naast de weg raakt de macht over het stuur verliest met alle mogelijke gevolgen van dien. Daarom hebben we in Aa en Hunze gekozen voor het gefaseerd aanleggen van graskeien, als bermverharding, langs veel van onze gemeentelijke plattelandswegen. Dit verbetert de verkeersveiligheid voor alle weggebruikers.

Met al zijn bloemen en planten zorgt de berm voor een hoge belevingswaarde. Bijna de helft van de ongeveer 1450 Nederlandse plantensoorten komt in de berm voor. In de berm vind je ook planten die niet meer op landbouwgrond voorkomen omdat deze groep planten niet van bemeste grond houdt en omdat planten, die niet door mensenhanden gezaaid worden, in een landbouwgewas als onkruid worden gezien. Deze groep planten groeit dus graag in de schrale bermgrond. Er groeien echter ook ongewenste planten zoals jakobkruiskruid en akkerdistel. Het overwaaiend zaad van deze planten zorgt voor overlast op landbouwpercelen. De boer moet dan veelal gewasbeschermingsmiddelen inzetten om verdere verspreiding op zijn percelen te voorkomen.

Dit kan grotendeels voorkomen worden door te maaien op het moment dat de plant in bloei komt. En waarbij het maaisel wordt afgevoerd om verspreiding te voorkomen. Juist door de schrale grond van de bermen en de afvoer gaat het niet ten koste van de biodiversiteit en blijft er voldoende vegetatie over voor de insecten. De bodem van een berm waarin bomen staan verarmt doordat de bladeren met de door de bomen opgenomen voedingsstoffen in de herfst weer wegwaaien. Door te maaien en het maaisel af te voeren wordt het proces van bodemverarming versterkt en dat is ook goed voor de groei van paddenstoelen.

Als inwoners van onze gemeente moeten we in gezamenlijkheid zorgen voor dit publiek goed. Het is een stukje landschap dat we met zorg en aandacht, rekening houdend met diverse belangen van mens, plant en dier, samen moeten onderhouden.

Goed bermonderhoud is noodzakelijk en mag geld kosten want het komt ons allen ten goede.

Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn